Logo

Juridische situatie in Duitsland

Kunstmatige inseminatie

Sinds de eerste succesvolle IVF-behandeling werd afgerond met de geboorte van Louise Brown in 1978 in het Verenigd Koninkrijk, is het debat over de voor- en nadelen van IVF-behandelingen nog steeds aan de gang.


In de jaren tachtig probeerden politici in Duitsland een consensus en een regeling te vinden voor het omgaan met het opkomende menselijke leven. Het resultaat van deze inspanningen was de Embryobeschermingswet, die op 01.01.1991 in werking is getreden. Deze wet regelt wie met embryo's mag omgaan, voor welk doel en hoe.


Eiceldonatie, draagmoederschap en cryopreservatie van embryo's (maar niet van cellen en weefsel) zijn verboden. Experimenten met embryo's zijn strikt verboden. Bovendien mag in-vitrofertilisatie alleen worden uitgevoerd door speciaal daarvoor opgeleide artsen.


Wet bescherming embryo's (ESchG)


  • Aan de Embryowet kunnen de volgende voorschriften worden ontleend:

  • Embryo's mogen alleen worden gemaakt met het oog op zwangerschap.

  • Onderzoek op embryo's is verboden.

  • Handel in embryo's is verboden.

  • Het klonen van embryo's is verboden.

  • Sekseselectie in het embryo is verboden.

  • Er mogen maximaal drie embryo's in de baarmoeder worden teruggeplaatst.

Met TFP kunt u er zeker van zijn: Alle bevruchte eicellen worden uitsluitend overgebracht naar de baarmoeder of de eileiders van de moeder. Wij behandelen alle andere eicellen en sperma op verantwoorde wijze en in overeenstemming met de wet. Onze opleiding voldoet aan de in de wet beschreven eisen. Bovendien zijn uw persoonsgegevens onderworpen aan de gegevensbescherming. Dit betekent dat u bij ons in de beste handen bent - er zal niets gebeuren wat u niet wilt. Dat garanderen wij.


Wettelijke vereisten


De eisen voor het uitvoeren van in-vitrofertilisatie zijn grotendeels bij wet voorgeschreven: Enerzijds worden zij geregeld door de wet inzake de bescherming van embryo's (ESchG) en anderzijds door § 27a van het V. Sociaal Wetboek. Dit laatste heeft betrekking op de eisen van kunstmatige inseminatie voor paren met een wettelijke ziektekostenverzekering.


Europese transplantatiewet


Volgens de richtsnoeren van het Federaal Comité van artsen en zorgverzekeraars inzake medische maatregelen voor kunstmatige inseminatie ("Richtlinien für Kunstmatige Inseminatie") van 6 februari 2008 zijn wij op grond van § 12.1 verplicht beide echtgenoten op HIV-antistoffen en de vrouw op HBsAg (hepatitis B-marker) te onderzoeken alvorens met de behandeling te beginnen. De testresultaten zijn een eerste vereiste om met de behandeling te beginnen.


De kosten van deze onderzoeken worden berekend met een eigen bijdrage van 50% voor patiënten met een ziektekostenverzekering en volgens het tarief van de artsen (GOÄ) voor zelfbetalers en particuliere patiënten. Meer informatie over kosten en kostendekking vindt u hier.


Op grond van een nieuwe EU-richtlijn (Richtlijn 2004/23/EG) en de voorschriften voor de omzetting daarvan in Duits recht, zijn wij ook verplicht om beide partners maximaal zeven dagen voor de weefselafname te testen op HIV-antilichamen, hepatitis B-antigeen, hepatitis B-antigeen en hepatitis C-antilichamen. Dit geldt ook voor spermadonatie en eiceldonatie.


Facturering van voorgeschreven onderzoeken buiten de EBM


Aangezien deze wettelijk voorgeschreven onderzoeken nog niet zijn opgenomen in de catalogus van prestaties van de wettelijke ziekenfondsen (EBM), moeten wij ze u privé aanrekenen (volgens GOÄ) (72,28 € per patiënt / 144,56 € per koppel). De aanvullende diensten zullen in de totale factuur worden opgenomen. De factuur wordt opgemaakt volgens de huidige versie van de Duitse "Medical Fee Schedule" (GOÄ). Wij raden u aan de rekening in te dienen bij uw zorgverzekeraar.


Wij betreuren deze bijkomende omstandigheden die het gevolg zijn van deze richtlijn, maar wij zijn genoodzaakt deze richtlijnen te volgen.

Pre-footer

Klaar voor de volgende stap? Wij zijn er voor u!

Maak een afspraak online en het vervullen van uw kinderwens komt een stukje dichterbij.