Logo

Cyclusmonitoring

Uw TFP arts kan dankzij een cyclusmonitoring nagaan wat de oorzaken van een onvervulde kinderwens zijn, wat het optimale moment voor de bevruchting is en ook in welke periode kunstmatige inseminatie het beste uitgevoerd plaatsvindt. Kom hier meer te weten over cyclusmonitoring en hoe het u kan helpen.

Hormonstatus Zyklusmonitoring

Bij de zogenaamde cyclusmonitoring onderzoekt de arts de maandelijkse cyclus van de vrouw. De arts kan daarbij door middel van verschillende onderzoeksmethoden bepalen:

  • of de hormooncyclus van de vrouw normaal is;

  • of er follikels (eiblaasjes) groeien;

  • of het tot een eisprong komt;

  • of het baarmoederslijmvlies is voorbereid op de innesteling van een bevruchte eicel;

  • wanneer de eisprong plaatsvindt.




Wat is het doel van cyclusmonitoring?


Cyclusmonitoring heeft verschillende doeleinden. De arts kan bijvoorbeeld aanwijzingen voor de oorzaak van de ongewenste kinderloosheid van een stel ontdekken en samen met hen bepalen wat een passende behandeling zou kunnen zijn.


Als het stel via de natuurlijke weg een kind wil verwekken, dan wordt door middel van cyclusmonitoring het optimale moment voor de bevruchting bepaald – de dagen waarop het stel geslachtsgemeenschap zou moeten hebben.


Maar ook bij inseminatie, in-vitrofertilisatie (IVF) of intracytoplasmatische sperma-injectie (ICSI) kan cyclusmonitoring nuttig zijn. Het zorgt ervoor dat de arts precies weet wanneer hij de inseminatie moet uitvoeren of de eicellen moet wegnemen om deze te gebruiken voor kunstmatige bevruchting. De eisprong wordt hierbij over het algemeen op gang gebracht door middel van een hormoonbehandeling, zodat er nauwkeuriger gepland kan worden. Bovendien stijgt hierdoor de kans op een zwangerschap.

Wanneer wordt cyclusmonitoring uitgevoerd?


Cyclusmonitoring maakt deel uit van de diagnostiek bij ongewilde kinderloosheid. Bij vrouwen met een onregelmatige menstruatiecyclus kan door regelmatige cyclusmonitoring of laboratoriumanalyses vastgesteld worden of er een eiblaasje groeit, of dat er een stoornis optreedt bij de eicelrijping. Ook bij kunstmatige bevruchting wordt de groei van de follikels gecontroleerd.





Wat gebeurt er precies bij cyclusmonitoring?


Afhankelijk van de reden voor het uitvoeren van een cyclusmonitoring controleert de arts de maandelijkse cyclus van de vrouw. Hiervoor voert hij meerdere echo's en hormoononderzoeken uit.

  1. Het eerste onderzoek vindt meestal plaats tussen de derde en vijfde dag van de cyclus. De arts controleert dan de hormoonspiegel van de vrouw. Op dat moment is hij vooral geïnteresseerd in de bloedwaarden van de hormonen die verantwoordelijk zijn voor de eicelrijping of deze juist kunnen verstoren. Daartoe behoren onder andere het follikelstimulerend hormoon (FSH), het luteïniserend hormoon (LH), de schildklierhormonen, het stresshormoon prolactine en de zogenaamde 'mannelijke' hormonen (androgenen). Verder kan de eicelvoorraad worden geschat door het meten van het anti-müllerhormoon (AMH). Ten slotte onderzoekt de arts door middel van een echo de eierstokken en de baarmoeder van de vrouw.


  2. Het tweede onderzoek wordt meestal tussen de tiende en twaalfde cyclusdag uitgevoerd, kort voor de verwachte eisprong. De arts meet opnieuw de hormoonwaarden. Door middel van een echografie wordt beoordeeld of er inmiddels daadwerkelijk een eiblaasje gerijpt is, of het baarmoederslijmvlies opgebouwd is en hoe dik het is en of de baarmoedermond zich geopend heeft, zodat de zaadcellen de baarmoederhals goed kunnen passeren. 


  3. Bij het derde onderzoek, ongeveer een week na de eisprong, wordt nogmaals de hormoonspiegel gecontroleerd. Met name de progesteronwaarde (progesteron gevormd door het gele lichaam) is hierbij van belang. Progesteron speelt onder andere een belangrijke rol bij de innesteling van een embryo in het baarmoederslijmvlies. 

Is de cyclus van de vrouw langer of zeer onregelmatig, dan vinden er meestal meerdere onderzoeken binnen enkele dagen plaats. Cyclusmonitoring kan zo nodig ook meerdere menstruatiecycli duren





Eventueel gebruik van hormonale stimulatie


Wanneer de arts via cyclusmonitoring vaststelt dat er geen eiblaasje gegroeid is en/of de eisprong uitblijft, raadt hij meestal een hormoonbehandeling aan. Hierdoor wordt de eicelrijping gestimuleerd en de eisprong opgewekt. Bovendien kan de innestelingsfase ondersteund worden door het gebruik van progesteron. In veel gevallen is deze behandeling, in combinatie met geslachtsgemeenschap op het ideale moment of een inseminatie, voldoende om de kinderwens te vervullen. Uw arts zal samen met u een persoonlijk plan maken voor de cyclusmonitoring in een hormonaal gestimuleerde cyclus. 

Diagnostiek in de TFP vruchtbaarheidscentra

Diagnosis

Wil je meer weten over onze diagnoses?

Pre-footer

Klaar voor de volgende stap? Wij zijn er voor u!

Maak een afspraak online en het vervullen van uw kinderwens komt een stukje dichterbij.